Sluit website direct

menu

Ontschotting tussen de organisaties is van wezenlijk belang

Terug

Pieter Jansen, directeur T-PrimaiR is er duidelijk over: “Om hardnekkige maatschappelijke vraagstukken op het gebied van opvoeding, onderwijs, zorg en welzijn op te lossen is een nog betere samenwerking en ontschotting tussen betrokken organisaties van wezenlijk belang.”

Pieter Jansen is directeur van T-PrimaiR, de onderwijscoöperatie waarin de schoolbesturen voor primair onderwijs in Tilburg de krachten hebben gebundeld om gezamenlijk te staan voor optimale ontwikkelkansen voor alle leerlingen in Tilburg. Daarnaast is Pieter Jansen ambassadeur van de Regionale Taskforce Kindermishandeling.

Vanwege de Corona voorschriften is ons bezoek aan het kantoor van T-PrimaiR aan de Ringbaan Oost in Tilburg geannuleerd en spreken we Pieter Jansen via de telefoon. We stellen hem de vraag hoe het sociale domein er volgens hem idealiter uit zou moeten zien in, pak hem beet, 2025. Jansen: “Om hardnekkige maatschappelijke vraagstukken op het gebied van opvoeding, onderwijs, zorg en welzijn op te lossen is een nog betere samenwerking en ontschotting tussen betrokken organisaties van wezenlijk belang. Een integrale manier van samenwerking. Vormgegeven door de verschillende disciplines in het sociale domein waarbij professionals de ruimte voelen om in het belang van de kinderen de juiste dingen te doen en daarbij niet belemmerd worden door grenzen die nu nog vanuit de eigen oorspronkelijke organisaties opgelegd worden.”

Ontschotting is een complex veranderproces dat tijd vraagt. Tom Pietermans – directeur van Veilig Thuis Midden-Brabant - probeert dit thema, mede vanuit zijn ambassadeurschap binnen de Regionale Taskforce Kindermishandeling, in deze regio mee vorm te geven, zodat naast een ketensamenwerking een goede netwerksamenwerking kan ontstaan. Jansen: “Het mooie van samenwerking tussen professionals vanuit verschillende achtergronden is dat kennisoverdracht ontstaat. Daarbij werken professionals naast elkaar op de werkvloer en niet alleen na elkaar, zodat een verhaal niet steeds opnieuw verteld hoeft te worden door de cliënt.”

Vertrouwen in de professional
Jansen vervolgt: “Professionals dienen meer op vertrouwen en minder op controle aangestuurd te worden. Daarvoor is vertrouwen vanuit de overheid naar de organisaties nodig. Bijvoorbeeld door financiële verantwoording achteraf mogelijk te maken. Organisaties zullen dan meer genegen zijn te ontschotten. De regionale en landelijke overheden zijn nog steeds erg ingericht op verantwoording per organisatie. Het wordt tijd te bezien hoe dit anders kan.“

“Het is van belang dat het sociale domein stakeholders heeft die kunnen sturen op een onomkeerbare koers”, vindt Jansen. “We zitten nu middenin de Corona crisis. Ook tijdens deze crisis is het belangrijk te blijven zien dat er heel veel goeds gedaan wordt in onze maatschappij. In het sociale domein gaat ook al heel veel goed. De volgende stap is beleid durven maken op basis van output en impact in plaats van op planning en control. Hiermee kan ruimte gegeven worden aan de professional om te mogen handelen naar eigen bevindingen en inzicht. Hierbij blijft het uiteraard wel van belang dat de organisaties dit vanuit de eigen wettelijke kaders blijven doen.”

Kracht van de regio
Over hoe het er in deze regio voorstaat met de samenwerking binnen het sociale domein is Jansen positief: “Ik denk dat we elkaar in Tilburg en de regio met de partijen heel gemakkelijk weten te vinden. De organisaties hebben met elkaar het gezamenlijke doel en de koers al goed helder. De beste samenwerking ontstaat als partijen vanuit een gezamenlijke maatschappelijke opdracht moeten werken, waarbij benoemd wordt wat ieders bijdrage hierin is. Een van de belangrijke voorwaarden voor een gezamenlijke koers is dat alle partijen die in de lead zijn het juiste gedrag vertonen. En dat de professionals binnen hun eigen organisaties de ondersteuning voelen voor netwerksamenwerking. Niet denkend vanuit organisatiebelang maar vanuit een gezamenlijke maatschappelijke opdracht.”

Tweedeling in de maatschappij
Wat Jansen al lange tijd zorgen baart is de tweedeling in de maatschappij. “De vraag ‘hoe creëer je voor iedereen gelijke kansen’ voor alle kinderen houdt mij vanuit onderwijsperspectief enorm bezig en niet alleen op basis van cognitieve vaardigheden. Het wordt steeds beter zichtbaar dat een thuissituatie heel veel invloed heeft op de kans van slagen in de maatschappij. Thuis moet veilig èn voldoende ondersteunend zijn om stappen te kunnen maken. Hier ligt een zorg in een stad als Tilburg”, noemt Jansen. Het is zijn persoonlijke drijfveer om met elkaar de goede dingen te doen zodat het voor alle kinderen mogelijk is veilig en kansrijk op te groeien en zich optimaal te ontwikkelen. Jansen: “Ik blijf me inzetten om zo te proberen het verschil te maken voor kinderen die het net iets minder gemakkelijk hebben. Dit is ook mijn motivatie om als ambassadeur aan de Regionale Taskforce Kindermishandeling deel te nemen.”

Ik zoek hulp

Deel deze website: