Sluit website direct

menu

Nera Jerkovic pleit voor minder marktwerking: “Durf te vertrouwen op elkaars deskundigheid”

Terug

Programmamanager Centrum Huiselijk Geweld en Kindermishandeling, Nera Jerkovic, pleit voor minder marktwerking: “Durf te vertrouwen op elkaars deskundigheid”

Centrum voor huiselijk geweld in kindermishandeling
In de regio Hart van Brabant wordt sinds 2018 gebouwd aan een Centrum voor huiselijk geweld en kindermishandeling. Het doel is een verbeterde aanpak voor huiselijk geweld en kindermishandeling. Deze regio is met het Centrum één van de twee proeftuinen van het landelijke programma ‘Geweld hoort nergens thuis’. Over de tussenstand van het Centrum is meer te lezen in het Bouwverslag Centrum Huiselijk geweld en kindermishandeling

Het Centrum is een netwerksamenwerking, met Veilig Thuis Midden-Brabant als een van de belangrijke partners. Het Centrum bestaat uit drie onderdelen:

  • Bundeling expertise, kennis, advies en scholing;
  • Veiligheidsteam voor multidisciplinaire aanpak structureel geweld.
  • Integraal Spoedplein in het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis, als satelliet van het centrum. Een plek waar hulp bij acuut geweld snel geregeld wordt, daar waar dat het hardst nodig is.

Terug naar de bedoeling
Op de vraag hoe volgens haar het sociaal domein over pakweg vijf jaar uit zou moeten zien is Nera duidelijk: “Voor het hele sociale domein geldt dat er veel meer samenhang moet zijn tussen de verschillende onderdelen en minder marktwerking. We wilden terug naar de bedoeling, naar de menselijke maat. Dat gaat echter niet vanzelf. Met het Centrum huiselijk geweld en kindermishandeling hopen we dichter naar de bedoeling te kunnen gaan. De schotten tussen de organisaties moeten weg. Er wordt teveel na elkaar gewerkt i.p.v. met elkaar. Dit staat recht tegenover wat mensen nodig hebben aan ondersteuning.”

Nera vervolgt: “Het gaat om zeer complexe situaties van huiselijk geweld waar kinderen vaak het slachtoffer van zijn. De gevolgen voor deze kinderen zijn enorm. Organisaties moeten de eigen opdracht en soevereiniteit wat meer loslaten om tot een gezamenlijke aanpak te komen. Dit vinden de meeste organisaties erg ingewikkeld, hiervoor is lef nodig. Daarnaast moeten de financiers hun proces veranderen om dit te faciliteren. Het gaat om het vertrouwen dat iedereen doet wat nodig is; van opdrachtgever naar organisatie, van organisatie naar de professionals. Daarnaast is vertrouwen in elkaars deskundigheid en aanpak tussen organisaties belangrijk. Dit vraagt om een gedragsverandering. Professionals dienen de ruimte en het vertrouwen te krijgen om grenzen op te zoeken. Zij moeten hiervoor beloond worden. Alleen zeggen dat er vertrouwen is, is vaak niet genoeg. Het moet echt zichtbaar zijn.”

Niet naar anderen wijzen
Nera legt uit: “Het is belangrijk niet naar anderen te wijzen maar eerst intern te kijken naar wat een positieve verandering teweeg kan brengen. Alle netwerkpartners zijn van mening dat huiselijk geweld en kindermishandeling moeten stoppen. Er is een gedeelde visie, de visie gefaseerde ketensamenwerking. Gedrag verandert echter langzaam. Het is echt heel zorgelijk dat cliënten vaak weinig vertrouwen hebben in de professionals en hulpverleners, waarvan ze er ook nog eens veel te veel over de vloer krijgen. Het is niet mogelijk een vertrouwensrelatie op te bouwen met zoveel verschillende betrokken personen. Dit brengt cliënten vooral veel onrust.”

Het Centrum huiselijk geweld in kindermishandeling bestaat inmiddels zo’n twee jaar. We vragen Nera waar zij het meest trots op is in de huidige samenwerking. Nera: “dat is dat organisaties vanuit straf- en zorg steeds beter met elkaar samenwerken. Reclassering en het Openbaar Ministerie stellen bijvoorbeeld dat een pleger met een huisverbod zich moet committeren aan bepaalde voorwaarden die met veiligheid te maken hebben. Er is een groeiend vertrouwen tussen de straf- en zorgpartijen te zien.” Ook het Bestuurlijk Platform, dat uitvoering geeft aan het regionale programma Huiselijk Geweld, noemt Nera als een goed voorbeeld van een verbeterde samenwerking tussen de partijen: “De bestuurders en wethouders doen hun best om de gezamenlijke visie gefaseerde ketensamenwerking goed uit te dragen.”

Ideaalbeeld
De rol van Nera als programmamanager van het Centrum huiselijk geweld en kindermishandeling is tijdelijk, om de zaken goed mee op te starten. Nera: “Als mijn werk erop zit, is het aan het netwerk. Mijn ideaalbeeld is dat alle relevante partners vanuit straf en zorg met elkaar in een netwerk met gedeelde verantwoordelijkheid werken. Met een goede basis voor de uitvoerende professionals om met elkaar aan deze complexe problematiek te werken vanuit hun moederorganisaties. Verder is het voor het Centrum belangrijk een fysieke plek te hebben. Met een prettige ruimte waar cliënten, en zeker kinderen, zich op hun gemak kunnen voelen. Het is noodzakelijk dat slachtoffer èn pleger tegelijkertijd ondersteund worden. Een slachtoffer van zware mishandelingen gaat vaak alsnog terug naar de pleger van het geweld. Daarom is het extra belangrijk dat er ook aandacht is voor de pleger die een gedragsverandering zal moeten aangaan.”

Wat Nera veel zorgen baart is dat de effecten van huiselijk geweld op kinderen heel groot zijn: “Daarom moet er altijd iemand zijn die voor hen opkomt. Als ouders dit niet kunnen moeten we ingrijpen. Dat is een grote drijfveer voor mij.”

Tot slot wil Nera nog een keer aan de organisaties en professionals meegeven ervoor te gaan: “Durf het samen te doen en heb vertrouwen in elkaars deskundigheid. Er is veel potentieel en goede wil bij iedereen. Dit moet niet belemmerd worden door allerlei bijzaken.”

Ik zoek hulp

Deel deze website: